Presse

Doron Nagan dans Algemeen Dagblad (25 octobre 2002)

Fairy Queen

Overleven tussen de mannen

Interview met Frédérique Chauvet door Doron Nagan   

Ze is een van de weinige vrouwen in de mannenwereld van drigenten. Vanaf morgen dirigeert Frédérique Chauvet Purcells opera The Fairy Queen, die onder meer in Rotterdam wordt opgevoerd.

ZWOLLE | Het is duidelijk: nog steeds is een vrouw als dirigent van een orkest een zeldzaamheid, zo niet bijna een taboe. Vraag het aan dirigente Frédérique Chauvet (46). Zij kent het wantrouwen. "lk heb zelf gemerkt dat bij de enkele keer dat ik als fluitiste onder een vrouwelijke dirigent moest spelen, ik vooraf weinig vertrouwen in haar had," bekent Chauvet. "Erg hè? Zelfs ik als vrouw - zo diep ligt dat vooroordeel. En ondanks al die jaren dat ik zelf dirigeer, gunde ik haar dat vertrouwen niet. Ik gun het een man wel en ik ben vast niet de enige die zo reageert. Het zit dus heel diep in ons onderbewustzijn."

Geen wonder dat zij op haar beurt als dirigente tegen dezelfde vooroordelen moet opboksen. Vanaf morgen gaat Frédérique Chauvet met de stichting Barokopera Amsterdam langs negen Nederlandse theaters, onder meer in Rotterdam, met Purcells opera The Fairy Queen in regie van David Prins. Zij dirigeert het barokorkestje van tien musici met wie zij de afgelopen weken in Zwolle repeteerde.

"Ik heb me vaak afgevraagd of ik als vrouwelijke dirigent iets extra's moet hebben", zegt de Française in onberispelijk Nederlands. "Ik dacht dat omdat ik vrouw ben, mensen mijn autoriteit minder zouden accepteren en ik me als vrouw extra moest bewijzen. Het is dan ook niet altijd makkelijk, dat dirigeren."

Mannen domineren nog altijd in de dirigentenwereld. "Maar het is onzin te denken dat het ook een typisch mannenberoep is", benadrukt Chauvet. "Dat het te moeilijk is. Politiek, dát lijkt me moeilijk voor vrouwen, veel lastiger dan voor een orkest staan. Ik weet niet waarom er zo weinig vrouwen dirigent zijn. Je hebt wel vrouwen die koren dirigeren, misschien omdat die koren meestal uit amateurs bestaan, brave mensen die dus makkelijker te hanteren zijn."

Chauvet houdt niet van het autoritaire optreden van veel mannelijke collega's. Je moet veeleisend zijn, vindt ze, en vriendelijk tegelijkertijd. "Vooral in Frankrijk zijn dirigenten erg dictatoriaal. Misschien is het ook iets typisch vrouwelijks om niet dictatoriaal te zijn. Het dirigeren van een groot romantisch orkest heeft ook wel iets autoritairs. Ik ben iemand die barokmuziek dirigeert. Die muziek vereist een kleiner orkest waarmee het per definitie makkelijker werken is. Ik zie ook mijn functie bij een barokorkest eerder als coördinerend. Dat is misschien een vrouwelijke eigenschap, maar tegelijkertijd ook heel erg Nederlands. Nederlanders willen overleg, inspraak, democratie en dat spreekt me aan."

Maar te veel democratie, te veel overleg heeft ook zijn nadelen, ondervond ze. "ln het begin wilde ik - heel idealistisch - als dirigent niets meer dan de energie van alle musici bundelen en er iets moois van maken. In de loop der jaren gingen de musici tegen me zeggen dat ik meer mijn mening moest geven, meer zelf moest bepalen. Ik liet me te veel beïnvloeden door anderen, vonden ze. Dus ben ik meer op zoek gegaan near een eigen mening. Ik heb geleerd om heel duidelijk te weten te wat ik wil met de muziek. En nu ne klágen diezelfde mensen dat ik te veel bepaal wat er moet gebeuren." Ze lacht hartelijk. "Gek hè?"